De Russische barden

Nederlands > Context > Muziek > De Russische barden

De beweging van de singer-songwriters of de Russische barden in de Sovjet-Unie is geënt op de traditie van de авторские песни [avtorskije pesni] of auteursliedjes, die ontstonden op het einde van de negentiende eeuw. De auteurs van deze liedjes, waarbij de muziek ondergeschikt was aan de tekst, vertolkten zelf hun werk, meestal zichzelf begeleidend op een Russische gitaar die, in tegenstelling tot de meeste andere gitaren, zeven snaren had.

De liedjes van de barden hadden geen commerciële bedoelingen. Ze moesten niet zozeer verkocht, maar vooral gezongen worden. Daarom, en ook omwille van de eigenzinnige teksten die vaak een doorn in het oog waren van het Sovjet-regime, werden de liedjes van de barden in de Sovjet-periode zelden of nooit opgenomen en verdeeld door Melodija. Meestal werden ze, met hun eenvoudige melodie en alleen begeleid door een akoestische gitaar, opgepikt door amateurs die ze weer doorgaven aan andere amateurs of werden ze via de magnitizdat verspreid. Op die wijze werden de liedjes van bekende barden als Boelat Sjalvovitsj Okoedzjava (1924-1997), de dichter van de Arbat, en Vladimir Semjonovitsj Vysotski (1938-1980) overal in de Sovet-Unie en ook daarbuiten bekend.

Vysotski was immens populair en werd door de Sovjet-autoriteiten wel aanvaard als acteur, maar niet als zanger of dichter. Over zijn liedjes zei hij: «Het waren impressies op rijm en gevat in een ritmisch stramien. Ik pakte mijn gitaar, begon een beetje te tokkelen en dan ontstond er zoiets als een lied. Eigenlijk waren het geen liederen. Zoals ik het zie waren het meer gedichten die je moet voordragen met instrumentale begeleiding. Kortom: ritmische poëzie.»

Toeristenliedjes

Veel barden werden bekend met туристической песни [toeristitsjeskoj pesni] of toeristenliedjes. Daarin bezongen ze de vrijheid die veel jongeren ervaarden wanneer ze buiten de stad kampeerden om te vissen, bergen te beklimmen of de rivieren af te varen. Bij dit soort van activiteiten hadden waarden als moed, vriendschap, vertrouwen, samenwerking en onderlinge steun een betekenis die ze in het Sovjet-leven van elke dag niet meer konden terugvinden.

Toeristenliedjes werden over het algemeen gedoogd door de autoriteiten. Ze werden officieel betiteld als самодеятельной песни [samedejatelnoj pesni] of zelfgemaakte liedjes. Deze term paste in het beleid van de zogenaamde художественная самодеятельность [choedozjestvennaja samodejatelnost] of de amateur podiumkunsten. Dat was een vaak zwaar gesubsideerde vrijetijdsbesteding die wijd verspreid was. Bijna elke onderneming, coöperatie of kolchoze had een Cultuurpaleis, of tenminste een Cultuurhuis dat bestemd was voor amateuristische kunstbeoefening en vrijetijdsbesteding. In De meester en Margarita parodieerde Boelgakov deze activiteiten in hoofdstuk 17, waarin de werknemers van het filiaal van de Commissie van Toneel en Licht Amusement in de Vagankovstraat het liedje Славное море, священный Байкал [Slavnoje morje, svijasjtsjennij Bajkal] of Glorieuze zee, gewijde Bajkal zingen.

Aan sommige universiteiten bestond een Клуб самодеятельной песни [Kloeb samodejatelnoj pesni] of Club voor amateurliedjes die in feite een club voor bardenliedjes was en die apart stond van het mainstream Sovjet beleid van amateur podiumkunsten.

Politieke liedjes

Nog verder van dat beleid stonden de barden die bekend werden met hun политические песни [polititsjeskije pesni] of politieke liedjes. Dat genre kon bestaan uit recht voor de raapse politieke nummers, maar ook uit pure satire. Zowel Boelat Okoedzjava als Vladimir Vysotskij maakten dergelijke liedjes, al evolueerde de laatste later in de mainstream richting.

Een andere bekende bard, Aleksandr Arkadjevitsj Galitsj (1918-1977), werd omwille van zijn politieke liedjes gedwongen om te emigreren. Zijn echte naam was Aleksandr Arkadjevitsj Ginzboerg, en wie een cassette bezat met zijn liedjes kon vervolgd worden. Hij werd onder handen genomen door de KGB tot hij in 1974 emigreerde. Hij ging eerst naar Noorwegen om dan via Duitsland in Parijs te belanden.

Politieke liedjes die het kapitalisme en het fascisme hekelden, zoals de liedjes uit de toneelstukken van de Duitse schrijver Bertolt Brecht (1898-1956) mochten wel gezongen worden, en werden ook door de barden opgepikt.

Sjansons

Een derde genre dat barden vaak beoefenden was het блатная песня [blatnaja pesnja] of, letterlijk vertaald het schunnige lied. In het Engels wordt dit genre de outlaw song of het vrijbuiterslied genoemd, en in het Russisch wordt ook vaak de term Русский шансон [Roesskij sjanson] of Russisch chanson gebruikt.

Het genre ontstond in het begin van de twintigste eeuw, nog vóór er sprake was van de Sovjet-Unie. De liedjes verheerlijkten het leven buiten de wet en braken met de structuren en de regels van de oude Russische maatschappij. In de jaren ’30 ontstonden nieuwe liedjes in de kampen van de Goelag, die gingen over onschuldigen die naar de werkkampen werden gestuurd. In de periode van politieke dooi onder Nikita Sergejevitsj Chroesjtsjov (1894-1974) werden heel wat van deze gevangenen vrijgelaten. Ze brachten hun liedjes mee naar buiten en barden als Aleksandr Mogsejevitsj Gorodnitski (°1933) (°1933) pikten ze op en begonnen ze te zingen. Daarmee kreeg de term Russisch chanson een bredere betekenis en stond hij symbool voor strijd tegen de onderdrukking.

Een bekend vertolker van schunnige liedjes is Aleksandr Jakovlevitsj Rozenbaum (°1951). Geïnspireerd door het werk van de Russische schrijver Isaak Emmanuilovitsj Babel (1894-1940) schreef hij heel wat humoristische liedjes over de Joodse maffia in Odessa. Rozenbaum maakte in 1983 ook een liedje over De meester en Margarita. En in 2009 nam hij de zangpartij van dokter Stravinski in de opera Master i Margarita van Aleksander Borisovitsj Gradski (°1949) voor zijn rekening.

Klik hier om de pagina over Aleksandr Rozenbaum te bekijken

Sommige barden vonden wel hun weg in het officiële circuit. Het liedje Aleksandra van het echtpaar Sergej Nikitin (°1944) en Tatjana Nikitina (°1945), bijvoorbeeld, werd immens populair door de film Moskou gelooft niet in tranen, waarmee regisseur Vladimir Mensjov (°1939) in 1981 de Oscar voor de Beste buitenlandse film behaalde.

Klik hier om een video clip van Aleksandra te bekijken


De barden en De meester en Margarita

Ook nu nog wordt de traditie van de barden verder gezet in Rusland. Veel van die hedendaagse Russische barden hebben trouwens ook liedjes gemaakt over De meester en Margarita. Een overzicht daarvan vindt u in onze sectie Muziek geïnspireerd door de roman op deze website.

Klik hier om meer te lezen over De meester en Margarita bij de barden

Audio

    Boelat Okoedzjava - Tsjornyj kot

    Vladimir Vysotskij - Ballada o ljoebi

    Sergej en Tatjana Nikitin - Aleksandra



Deze pagina delen |