Vitalij Sjentalinskij

Nederlands > Context > Historisch en politiek > Vitalij Sjentalinskij

De Russische schrijver en dichter Vitalij Sjentalinskij werd geboren in 1939 in Siberië. Hij is de voorzitter van de Commissie voor de Literaire Nalatenschap van Schrijvers. Hij groeide op in een klein dorp in Tatarstan, studeerde aan het Арктическое Морское Училище (Arktitsjeskoje Mors-koje Oetsjlisjtsje) of het Noordpool Maritiem Instituut in Leningrad en aan de Faculteit voor Journalistiek. Als poolreiziger overwinterde hij op het Wrangel eiland en nam hij deel aan vijf expedities.

Maar Sjentalinskij zou het meest bekend worden door hoe hij gedurende meer dan twintig jaar een onderzoek voerde over hoe een groot aantal Russische schrijvers tijdens het stalinisme vervolgd werden. In 1995 schreef hij er een lijvig boek over dat de titel Slaven van de vrijheid kreeg. Het werd een trilogie, want in 2001 kwam er een vervolg op met Opzegging van Socrates, en in 2007 nog een met Misdaad zonder straf. De drie boeken zijn geïllustreerd met zeldzame documenten en foto’s uit de archieven van de KGB. De eerste twee werden in het Frans en het Engels vertaald, waarbij de vertalingen veel eerder op de markt kwamen dan de Russische originelen.

Sjentalinskij  voerde zijn werk uit in het beruchte gebouw aan het Loebjan-kaplein, waar het hoofdkwartier van de Tsjeka, later de GPOE, NKVD, de KGB en nu de FSB gevestigd is. In De meester en Margarita beschreef Boelgakov dit gebouw als “een der Moskouse instellingen”, waar “het rijkelijk lamplicht uit de vensters scheen”. Het kostte Sjentalinskij in 1988 nog heel wat moeite om toegang te krijgen tot de KGB-archieven. Maar in september 1991, net nadat de staatsgreep onder leiding van KGB-chef Vladimir Krjoetsjkov was verijdeld, mocht hij er in. “U bent de eerste schrijver die hier vrijwillig komt”, grapte een KGB-kolonel toen Sjentalinskij zich de eerste keer aanmeldde. “Waar zullen we u zetten?” Ze lachten allebei.

Sjentalinskij  vond het geconfisqueerde dagboek van Michail Boelgakov, fragmenten van de ongepubliceerde Technische roman van Andrej Plato-nov en een 4000-regelig apocalyptisch gedicht, getiteld Lied over de grote Moeder van de dichter Nikolaj Kljoejev. Hij vond een hartverscheurende brief van toneelregisseur Vsevolod Meyerhold, waarin deze vertelt hoe hij tijdens de verhoren werd gemarteld. Hij kreeg te horen dat het geconfis-queerde werk van Isaak Babel (15 mappen met manuscripten, 18 aante-kenblokken, 517 brieven, briefkaarten en telegrammen en 254 losse bla-den) en Boris Pilnjak (bij arrestatie net voltooide roman) onvindbaar was.

Sjentalinskij kon ook een einde maken aan de onzekerheid over de sterf-data van de schrijvers. De nabestaanden kregen, soms jaren later, totaal willekeurige data op, die om de executie te maskeren “verplaatst” waren naar de Tweede Wereldoorlog. De archieven hebben daarover definitief uitsluitsel gegeven, net als over de formele beschuldigingen die tegen de beklaagden waren ingebracht.

Officieel deed Sjentalinskij zijn opzoekingswerk in opdracht van de Com-missie voor de Literaire Nalatenschap van Schrijvers van de Russische Schrijversbond, maar in werkelijkheid moest hij, zelfs in de “open” dagen van het Jeltsin-tijdperk, knokken om zijn kamertje in het bondsgebouw te kunnen behouden. Sjentalinskij  zei dat hij, meer nog dan over de behan-deling van schrijvers in de Stalinperiode, bijzonder geschokt was door de weigering van Russische politici, schrijvers en een groot deel van het pu-bliek om terug te kijken naar hoe het wás: “Stalin was een fascist, zeker niet minder erg dan Hitler. Er is een reëel gevaar dat we wéér bij zoiets uitkomen. Een opinieonderzoek liet onlangs zien dat een grote meerder-heid van de Russen de bolsjewieken zou steunen als het Russische volk opnieuw voor de keuzen van 1917 zouden staan.”

Slaven van de vrijheid werd bij zijn verschijnen bejubeld door heel wat andere beroemde Russische schrijvers en historici. Schrijver en dissident Lev Kopelev dankte Sjentalinskij “voor dit bitter, maar noodzakelijk boek”.   

Klik hier om een recensie van de Franse vertaling te bekijken

Boeken over het onderzoek

Рабы свободы
(Slaven van de vrijheid)
Uitgeverij Progress Pleiade, 1995
620 pagina’s
ISBN 978-5930060850

Донос на Сократа
(Opzegging van Socrates)
Uitgeverij Moeravej (Vostok-Zapad), 2001
459 pagina’s
ISBN 978-5846300811

Преступление без наказания
(Misdaad zonder straf)
Uitgeverij Progress Pleiade, 2007
642 pagina’s
ISBN 978-5930060331

Manuscripten branden niet

In 1997 gaf de Nederlandse educatieve omroep RVU de opdracht om aan de hand van Sjentalinskij ’s bevindingen een documentaire maken, meer bepaald over de dossiers van Michail Boelgakov, Andrej Platonov, Osip Mandelstam en Isaak Babel. De film kreeg de titel Manuscripten branden niet, naar de beroemde uitspraak van Woland in De meester en Margarita. Het gedeelte over Boelgakov zelf in de film kreeg de titel De Duivels-kunstenaar.

De film werd op 3 december 1997 op de Nederlandse televisie vertoond.

Klik hier om De Duivelskunstenaar te bekijken



Deze pagina delen |