De Alexandertuin

Nederlands > Plaatsen > Plaatsen uit de roman > De Alexandertuin

Aan het begin van het Tweede Boek zit Margarita op een bankje, onder aan de muur van het Kremlin, uitkijkend op de Manège. De begrafenisstoet van Berlioz passeert er, waarschijnlijk in de richting van Дом Союзов [Dom Sojoezov] of het Huis van de Bonden met zijn beroemde Колонный зал [Kolonni zal] of Zuilenhal. Ze wordt er aangesproken door Azazello, een «uitgesproken bandietenkop», die haar bevestigt dat haar geliefde meester nog in leven is. Hij nodigt haar uit om gastvrouw te spelen op het satansbal bij Woland en geeft haar de balsem die haar magische krachten zal geven.

Александровский сад [Aleksandrovski sad] of Alexandertuin was één van de eerste openbare parken in Moskou. Het volgt de hele lengte van de westelijke Kremlinmuur tegenover de beroemde Manège. Het park ligt eigenlijk in de bedding van de Neglinka rivier die daar vroeger stroomde maar die nu door een grote pijpleiding loopt. In 1819-1823 werd het park aangelegd door Osip Ivanovitsj Bove (1784-1834) en genoemd naar de toen heersende tsaar Alexander II (1818-1881). Het park bestaat uit drie gescheiden tuinen die zich over een lengte van 865 meter langs het Kremlin uitstrekken.

In 1913, toen de Romanovs de driehonderdste verjaardag van hun tsaren dynastie vierden, richtten ze een obelisk op in één van de tuinen. Vijf jaar later werd ze door de bolsjevieken verbouwd tot een monument voor de revolutie. In 1967 werd het graf van de Onbekende Soldaat met zijn eeuwige vlam naar hier overgebracht van de Marsvelden in Leningrad.

In 1967 werd het graf van de Onbekende Soldaat met zijn eeuwige vlam naar hier overgebracht van de Marsvelden in Leningrad. In het graf rust het lichaam van een soldaat die gesneuveld is in de Grote Patriottische Oorlog aan kilometerpaal 41 van Leningradskoje Chosse, het punt waar Nazi Duitsland het verst doordrong in de rchting van Moskou.

Margarita kijkt uit op de Manège. Die werd ook gebouwd door architect Osip Ivanovitsj Bove na de oorlog tegen Napoleon naar een ontwerp van de Spaanse ingenieur Agustín de Betancourt y Molina (1758-1825). Het gebouw diende oorspronkelijk als een ruitersschool en dankt daaraan zijn naam. Later deed het dienst als concertzaal. In 1867 concerteerden Hector Berlioz en Nikolai Rubinstein er voor een publiek van 12.000 personen. In de tijd van Boelgakov deed het gebouw dienst als garage en opslagplaats voor het Kremlin.

Later werd de Manège gerestaureerd met de bedoeling om er een permanente tentoonstellingsplaats van te maken, maar op 14 maart 2004 brandde ze volledig uit. Ze werd weer helemaal hersteld en op 18 februari 2005 opende de Manège weer met de tentoonstelling die gepland was voor de dag waarop het afbrandde.

Klik hier om een 360° foto van de Alexandertuin te zien

Metro: Александровский сад (Aleksandrovskij sad)



Deze pagina delen |