Bolsjaja Sadovaja 302-bis

Woland en zijn gevolg nemen hun intrek in Bolsjaja Sadovaja ulitsa 302-bis, appartement nummer 50. Dit appartement speelt een belangrijke rol in De meester en Margarita, maar ook in het persoonlijk leven van de schrijver. In werkelijkheid heeft het gebouw huisnummer 10. Boelgakov hield er echter van om nummers of namen van officiële instanties te compliceren om de Sovjetbureaucratie te hekelen. Hij woonde hier zelf met zijn eerste vrouw Tatjana Nikolajevna Lappa in het bewuste appartement nummer 50 van 1921 tot 1924. In de zomer van 1924 kreeg hij het voor elkaar om naar het veel rustiger appartement nummer 34 op de vijfde verdieping te kunnen verhuizen, waarvan hij ook enkele kenmerken heeft overgenomen in zijn beschrijving van het appartement nummer 50 uit de roman. Tatjana Nikolajevna zou pas later beseffen dat Boelgakov die verhuizing geregeld had om haar niet in een onplezierige omgeving te moeten achterlaten, want enkele maanden later zou hij zelf het gebouw verlaten om in te trekken bij Ljoebov Evgenjeva Belozerskaja, waarmee hij in april 1925 zou trouwen. Ooit was in de kelder van dit gebouw een café, dat De Stallen van Pegasus heette en waar de Russische dichter Sergej Aleksandrovitsj Jesenin (1895-1925) zijn latere vrouw, de Amerikaanse danseres Isadora Duncan (1877-1927) zou ontmoeten.

Boelgakov heeft het over Нехорошая квартирка of het slechte flatje. In de Engelse uitgaven wordt dat vertaald als The Evil Appartment (Pevear en Volokhonski) of The Haunted Flat (Glenny). Het huis waar het niet pluis is, luidt de wat kromme vertaling in de Nederlandse versie.

In de roman laat Boelgakov in appartement 50 redelijk intelligente mensen wonen, zoals Berlioz en Stjopa Lichodejev, maar de werkelijkheid was veel minder fraai. Toen hij nog in appartement nummer 50 woonde beschreef Boelgakov het huis als "een nachtmerrie, waar de kamers vreselijk zijn en de buren ook". Hij beschrijft het woonblok en zijn bewoners in meer dan één verhaal.

De Boelgakovs woonden niet alleen in het Appartement nummer 50. Het was een zogenaamd коридорная система (korridornaja sistema), je zou dat kunnen vertalen als een gangsysteem. Wanneer je er binnenkomt, zie je een gang met links en rechts de deuren van de kamers van de verschillende bewoners die er elk één of twee konden hebben, naargelang de grootte van het gezin.

Boelgakovs houding tegenover appartement nummer 50 komt zeer goed tot uiting in een rijmpje dat hij als een P.S. toevoegde in een brief aan zijn zus Nadezjda op 23 oktober 1921:

Weet dat in de Bolsjaja Sadovajastraat
Een kloek en degelijk woonblok staat
In dat blok onze broeders in het kwaad:
Het georganiseerde proletariaat
Tussen dat proletariaat raakte ik mijn persoonlijkheid
Als ware ik een atoom (excuseer de vergelijking), kwijt.
Met onze voorzieningen is het helaas pet
Niets werkt er, bijvoorbeeld ons W...r Cl...t
De wasbak is ook op een heel eigen toer
Overdag staat ie droog, 's nacht stroomt ie tot op de vloer

Links van mij wordt door een vrouw "Arme zeemeeuw" gekweeld
En achter mijn rechtermuur wordt de balalaika bespeeld...

Pelgrimsoord en graffiti

Bij gebrek aan een officieel Boelgakov-museum werd deze plek een soort pelgrimsoord voor Boelgakov-fans, die het trappenhuis dat leidt naar appartement nummer 50 verfraaiden met tekeningen en citaten uit De meester en Margarita.

In 1971 slaagde Joeri Petrovitsj Ljoebimov, de directeur van het Taganka Theater in Moskou, erin om een toneeluitvoering van De meester en Margarita te brengen. Het was een productie waarin op het einde de acteurs een spandoek ontvouwden met daarop een citaat uit de roman: Рукописи не горят of Manuscripten branden niet. Ondanks zware kritieken in de partijkrant Pravda, bleef het stuk op het repertoire van het theater tot mei 1984, toen het werd "verbannen". Joeri Ljoebimov werd ontslagen als directeur en hij verloor zijn Sovjet staatsburgerschap. Vanaf toen vermengvuldigden zich de graffiti in het Boelgakovhuis. Sommige graffiti eisten dat het huis zou worden veranderd in een museum: "Maak van appartement nummer 50 een museum gewijd aan Woland en andere zuivere krachten", stond er te lezen. Appartement 50 werd toen bewoond door tekenaars die in een designbureau werkten en die stelden hun deuren open voor bewonderaars van Boelgakov en de graffitikunstenaars, die ook de toelating kregen om hun tekeningen, gedichten en andere ontboezemingen op de muren te zetten. De graffiti deinden uit van de traphal naar het appartement zelf. Dit was de eerste faze in de eis om een ruimte te creëren voor een vergeten schrijver, en het was vooral een spontane getuigenis van het feit dat hij nog in vele harten leefde.

Een verklaring van de graffiti kan u lezen door hier te klikken.

Tussen 1984 en 1986 werden het huis, de traphal en het appartement onderwerp van een strijd tussen de officiële instanties, de huisbewaarder en de makers van de graffiti. De graffiti werden volledig weggehaald en overschilderd maar "het tuig" kwam telkens weer terug om nieuwe graffiti te plaatsen en nieuwe eisen aan te brengen. De huisbewaarder verving meermaals de veiligheidscode van de ingang, maar die werd telkens gebroken. Uiteindelijk gaven de officials het op. In de lente van 1988 gaf de stedelijke overheid de toelating om een officieel museum in te richten, maar het zou nog even duren eer dat dat er ook echt kwam.

Er was immers een groot verschil tussen wat de actievoerders wilden bereiken en wat de stad hen gunde. De traphal en de appartementen waren helemaal gewijd aan de protagonisten van De meester en Margarita. De actievoerders wilden een museum over de roman en de leefwereld waarin die zich afspeelt. De schrijver bleef op de achtergrond. De stad wou echter een Boelgakovmuseum. De idee van een museum over De meester en Margarita leek te gevaarlijk. Het had wel eens kunnen de bron zijn van stemmen die niet mochten gehoord worden.

Nu zijn, op enkele na, de graffiti weer verdwenen. Op 22 december 2006 had er immers een incident plaatsgevonden in het huis aan Bolsjaja Sadovaja 10 waarbij Alexander Morozov, een fervent tegenstander van Boelgakov die in hetzelfde gebouw in appartement 35 woont, de graffiti had overklad met spuitbussen. Het bleek onmogelijk om de vernielingen te verwijderen zonder de graffiti te beschadigen, en dus is de traphal nu weer netjes in fletsgroen geschilderd, slechts een paar graffiti die niet overspoten waren konden worden bewaard.

Klik hier om te zien hoe de traphal er uitzag vóór de vernielingen

Aan de ingang van het gebouw zijn enkele levensgrote fresco's te bewonderen. Het zijn afdrukken van illustraties die gemaakt werden door Pavel Orinjansky, wellicht één van de bekendste Russische illustratoren van De Meester en Margarita.

Klik hier om de illustraties van Pavel Orinjansky te zien

Rivalen

Onlangs werd het hele blok huizen gerenoveerd en begin 2004 slaagden een handvol enthousiaste Boelgakov-adepten er eindelijk in van dit appartement een museum te maken. Alles begon goed op 15 mei 2004 met meer dan 500 personen op de receptie, maar later sloeg de tweespalt toe en nu zijn er, in hetzelfde gebouw, twee revaliserende musea.

Het ene museum, het Boelgakovhuis, is gevestigd op de eerste verdie-ping, bij de ingang van het gebouw. Het drijft op het fanatieke enthousias-me van een vrij jong team, dat heel wat initiatieven neemt zoals het organi-seren van Boelgakovexcursies (overdag en 's nachts), het uitbaten van Café 302-bis en het uitbouwen van een kindertheater. Er worden ook vaak culturele evenementen georganiseerd. Merkwaardig detail: de opslag-plaats van het Boelgakovhuis, en het atelier van hun kindertheater zijn ge-vestigd in appartement nummer 51, vlak tegenover het beruchte apparte-ment nummer 50, waar hun rivalen zich ophouden.

Naar de website van het Boelgakovhuis

Het andere museum, het Boelgakovfonds, is immers gevestigd in het ap-partement nummer 50 waar Boelgakov zelf heeft gewoond, en waar de scènes in De meester en Margarita zich afspelen. De ruimte van het Boel-gakovfonds doet enigszins geïmproviseerd aan en oogt een beetje kaal. Het team achter het fonds vertoont ook minder dynamiek dan de over- en benedenburen van het Boelgakovhuis maar ze hebben wel een streepje voor: zij kunnen een erkenning als museum van de stad Moskou voorleg-gen.

Naar de website van het Boelgakovfonds

Persoonlijk vind ik het jammer dat de krachten zo verdeeld worden en dat de rivaliteit zo hardnekkig wordt in stand gehouden. Een combinatie van de energie en het enthoesiasme van het door het publiek en de pers gesmaakte team van het Boelgakovhuis beneden, met de relaties en de locatierechten van het door de Moskouse overheid erkende team van het Boelgakovfonds boven zou deze plek meteen een heel andere uitstraling kunnen bezorgen. Misschien moet Woland maar eens, al was het voor héél even, terugkomen en orde op zaken stellen...

Дом Булгакова
(Boelgakovhuis)
Bolsjaja Sadovaja ulitsa nr. 10
Tel: +7 (495) 970-06-19, +7 (495) 650-95-53
Open dagelijks van 13.00 tot 23.00
Vrije ingang

Website van het Boelgakov huis

Фонд им. М.А. Булгакова
(Boelgakovfonds)
Bolsjaja Sadovaja ulitsa nr. 10
Tel: +7 (495) 427-56-73, +7 (903) 737-24-93
Bellen aan nummer 50
Vrije ingang

Vroegere website van het Boelgakovfonds
Nieuwe website van het Boelgakovfonds

Klik hier om een 360° foto van het Boelgakov huis te zien

Metro: Маяковская (Mayakovskaya)