Zwarte magie en haar ontmaskering

De titel van het hoofdstuk

In de Russische titel van hoofdstuk 12 wordt voor de term «ontmaskering» het woord разоблачение [razoblatsjenje] gebruikt. Dat is samengesteld uit het voorzetsel раз- [raz-], wat uit- betekent, en het werkwoord облачить [oblatsjit], wat zoveel betekent als kleden of uitdossen. We zullen zien dat kleren - en uit de kleren gaan - een belangrijke rol spelen in dit hoofdstuk.

Het gezin Giulli

In de jaren ’30 vertoonde de Труппа Польди [Troeppa Poldi] of het Poldi gezelschap - artiestennaam voor het gezin Podrezov - fietskunsten in de Moskouse Music Hall. Op posters uit die tijd kunnen de man met de gele bolhoed en de blonde vrouw op een éénwielige fiets herkend worden. Boelgakov schrijft dat de blondine een трико [triko] draagt, dat is de Russische transliteratie van tricot - het eerste van de vele Franse woorden die hij in dit hoofdstuk zal gebruiken.

Het Poldi gezelschap
Het Poldi gezelschap

Waar Varenoecha naartoe was gegaan...

Rimski wist natuurlijk waar Varenoecha naartoe was gegaan - hij had hem zelf naar de geheime dienst NKVD gestuurd zodat «ze het daar zelf zouden kunnen uitzoeken» - maar hij durft zelfs in gedachten deze instantie niet benoemen.

… maar waarvoor?

Varenoecha was niet teruggekomen van die niet nader genoemde plaats. Waardoor Rimski haast vanzelfsprekend veronderstelt dat hij aangehouden was. Maar hij wacht lang om te bellen, want het is geen instantie waar je spontaan zelf contact mee zoekt. Dat zou je immers wel ooit eens tegen jezelf kunnen keren

Een onaangename, maar geenszins onnatuurlijke gebeurtenis

Boelgakov beschrijft hier nogmaals ironiserend de dagelijkse Sovietrealiteit. Tot ver in de jaren negentig waren de telefoonverbindingen nog hoogst onbetrouwbaar in Rusland.

Een bode kwam melden

In de originele tekst gebruikt Boelgakov hier opnieuw een transliteratie van een Frans woord. Hij gebruikt het woord курьер [koerjer], van courrier of boodschappenjongen De aankondiging van de bode deed een vreemde huivering door Rimski varen. Niet alleen moest hij een vertoning toestaan van een show van zwarte magie waar hij het niet mee eens was, maar hij besefte eveneens dat hij de enige was die de buitenlandse artiest kon verwelkomen. Met een gezicht «als een donderwolk» - wellicht een voorafschaduwing van de scène waarin het geld regent vanuit het plafond - begaf hij zich achter de coulissen om de gastartiest op te vangen.

Bengalski

Het personage van Bengalski staat symbool voor de «politieke opvoeders» die in de Sovjetunie actief waren, en waar Michail Boelgakov een hekel aan had. Hij wordt dan ook prompt door Woland onthoofd. Hij is gebaseerd op Vladimir Ivanovitsj Njemirovitsj-Daltsjenko (1858-1943), één van de directeurs van het Moskouse Kunsttheater MKhAT. Boelgakov noemde hem een «oude cynicus». Hij brandde van verlangen om zijn roman te laten zien aan deze «filistijn». In zijn Theatrale roman had Boelgakov deze Vladimir Ivanovitsj ook al opgevoerd aan de oevers van de Ganges. Vandaar wellicht de naam Bengalski.

Vladimir Ivanovitsj Njemirovitsj-Daltsjenko
Vladimir Ivanovitsj Njemirovitsj-Daltsjenko

De onthoofding van Bengalski kan geïnspireerd zijn geweest door een scène uit Metamorfoses, ook wel aangeduid als De Gouden Ezel, van de hand van de geromaniseerde Berber Lucius Apuleius Platonicus (123 BC- 80 BC). Metamorfoses is de enige roman uit het Latijn die in zijn geheel is bewaard gebleven. De heks Moreja rukt daarin het hoofd af van één van de personages, Socrates, en zet het nadien weer terug.

Een leunstoel

Wolands positie in het theater is in een zetel, terwijl hij naar het publiek kijkt, Net het omgekeerde van wat je zou verwachten. En inderdaad, de Moskovieten in het publiek zullen uiteindelijk méér spektakel te zien geven dan Woland zelf.

De geruite nar

Bulgakov beschreef een клетчатого гаера [klettsjatogo gajera] of een geruite gaillard, wat opnieuw een Russische translitteratie is van een Frans woord. Oorspronkelijk verwees het woord gaillard naar een renaissance dans en de daarbij horende muziek, maar het wordt ook gebruikt voor «een joch», «een snuiter» of «een knul»: een (jonge) man die gezond is van lijf en leden, en vol levenskracht.

Vind jij de Moskouse bevolking ook niet enorm veranderd?

Normaal gesproken zou je deze zin wellicht niet als offensief beschouwen, maar in de Sovjetunie onder Stalin was het een zeer subversieve vraag. Volgens de communistische partijlijn had de bevolking van de Sovjetunie de utopie van het communisme bereikt. Zij waren nieuwe Sovjet mannen en vrouwen. De Homo soveticus was verschillend van gelijk welk ander volk op aarde. Zij werkten harder, wisten meer rn waren gelukkiger dan wie ook. Boelgakov liep grote risico’s door te beweren dat het anders was.

Trams en automobielen

Terwijl het erop lijkt dat Woland de vraag serieus en zorgvuldig beantwoordt, doet Boelgakov er weinig aan om zijn sarcasme te verbergen. In het dagboek van de auteur van 9 augustus 1924 schrijft hij dat ze bussen hebben ingevoerd in Moskou, maar dat er heel weinig van zijn. Op 20-21 december 1924 schrijft hij: «Ze zijn een nieuwe regeling voor het verkeer aan het uitwerken... Maar er is geen verkeer, omdat er geen trams zijn. En het is belachelijk, maar er zijn slechts acht bussen voor de hele stad Moskou». Wetende hoezeer Boelgakov het openbaar vervoer vervloekt, kan men zich alleen maar het sarcasme voorstellen dat hij met deze lijnen bedoelde. Woland lijkt te zeggen dat, terwijl de stad uiterlijk blijkt te zijn veranderd (en ongetwijfeld loven de autoriteiten deze fijne verbeteringen in het openbaar vervoer), er eigenlijk geen significante veranderingen ten goede zijn geweest. Ondertussen wordt Grigori Rimski steeds bleker en gespannen, vrezend wat Woland nog zou kunnen zeggen.

Als er niet gepokerd kon worden

Pokeren, net als andere kaartspelen, werd door de Sovjets met lede ogen aanzien. Eén en ander is wel veranderd na het uiteenvallen van de Sovjet-unie. In Moskou, en ook in andere steden, wemelt het tegenwoordig van de casino’s. Einde 2006 werden er enkele gesloten omwille van hun banden met de Georgische maffia.

Behemoth

In het bijbelse Boek Job 40:10-19 staat een omschrijving van een groot monster, in het Hebreeuws als Behemoth aangeduid. Bijbelvertalers wisten tot voor kort geen raad met dit woord omdat ze geen beest kenden met «een staart als een ceder en een enorme kracht in zijn buikspieren en lendenen». Sommigen kozen voor de olifant, anderen voor het nijlpaard, maar iedereen wist dat het niet kon kloppen. Daarom laten Engelse vertalers soms gewoon het woord Behemoth staan. Бегемот [begemot] is een Russisch woord voor nijlpaard. De knappe Anna Ritsjardovna, de secretaresse van Prosja Prochor Petrovitsj, beschrijft Behemoth trouwens als «een kater, zwart, een kanjer als een nijlpaard».

In kringen van duivelkenners is Behemoth de duivel van de verlangens van de maag. Dat zou kunnen verklaren waarom hij zo gefixeerd is op het eten in het valutawarenhuis Torgsin in hoofdstuk 28.

Volgens Boelgakovs tweede vrouw Ljoebov Evgenjevna Belozerskaja (1895-1987) was het hun eigen huisdier Fljoesjka, een grote grijze kat, die model stond voor Behemoth.

Echte roebels! Briefjes van tien!

Alle mij bekende vertalers van De meester en Margarita hebben hier blijkbaar Boelgakovs satire gemist door het begrip briefjes van tien te gebruiken.

In de oorspronkelijke Russische tekst spreekt Boelgakov hier niet over roebels, maar over een andere munteenheid uit de Sovjettijd, de tsjervonets - in het meervoud tsjervontsi. Er had eigenlijk moeten staan:

- «Tjezus, warempel! Tsjervontsi!»

Boelgakov gebruikt in De meester en Margarita nergens de termen tienroebelbiljetten, tientjes of briefjes van tien. Hij heeft het telkens over червонец [tsjervonets], in het meervoud червонцы [tsjervontsi], wat een heel andere betekenis geeft aan de vraag of het «echte, dan wel goochelaars-roebels waren».

De tsjernovets was immers de nieuwe munt die de Sovjet-regering in 1922 had ingevoerd om de onstuitbare inflatie van de roebel te stoppen. Het zou de officiële munteenheid van de Sovjetunie blijven tot 1947.

Het Sovjetregime durfde de roebel echter niet af te schaffen. Gedurende 25 jaar heeft het land twee munteenheden gehad: de officiële tsjervonets - door iedereen gewantrouwd- en de «goede, oude roebel». Er bestond echter geen wisselkoers tussen deze beide munten, en officieel mocht alleen de tsjervonets worden gebruikt.

In De meester en Margarita neemt Michail Boelgakov het gebruik van de tsjervonets voortdurend op de korrel. In hoofdstuk 18 veranderen de tsjervontsi die in het Variété Theater neerdwarrelden in waardeloos papier, in etiketten van Narzan mineraal water, in etiketten van Abrau-Durso wijn, of in vreemde valuta. Zulke vreemde transformatie ondergingen alleen tsjervontsi, het gebeurde nooit met roebels. Nog steeds in hoofdstuk 18, wilde de taxichauffeur aan de uitgang van het Variété Theater boekhouder Vasili Stepanovitsj Lastotsjkin alleen maar meenemen indien hij met Трешки [tresjki] of drieroebelbiljetten betaalde. Hij wou goede, degelijke roebels, en geen tsjervontsi. Want de Sovjetburgers hadden geen enkel vertrouwen in het door het Sovjetbewind opgelegde betaalmiddel.

Een tsjervonets van 1936
Een tsjervonets van 1936 (recto)

Een tsjervonets van 1936
Een tsjervonets van 1936 (verso)

Het is dus jammer dat de meeste vertalers van De meester en Margarita het woord червонец [tsjernovets] steeds vertaalden als tientjes of briefjes van tien roebel, en op die manier een deel van Boelgakov's satire aan hun lezers onthouden.

U kan u nog veel meer lezen over de geldperikelen in de Sovjetunie in de sectie Context van de Master & Margarita website.

Avec plaisir

Opnieuw gebruikt Boelgakov Franse transliteraties in zijn Russische tekst. Hier schrijft hij Авек плезир [Avek plezir],van het Franse Avec plaisir, wat graag gedaan betekent. Een beetje verder in de tekst gebruikt Boelgakov het woord бельэтаж [beletazj], van het Franse bel étage, om naar de mezzanine van het theater te verwijzen, maar dat kan de nederlandstalige lezer niet weten, want Fondse en Prins vertaalden dit als een der loges.

Eigenzinnige papiertjes

Hier is opnieuw een voorbeeld van een transliteratie van een Frans woord: in de Russische tekst beschrijft Boelgakov капризные бумажки [kapriznye boemazjki] of wispelturige stukjes papier.

Waarom wou Boelgakov de show van Woland en zijn gevolg met zo veel vreemde woorden kruiden, en met name uit het Frans? En hoe is Woland, de «gastprofessor uit Duitsland,» in staat om de Moskovieten toe te spreken in hun moedertaal zonder waarneembaar accent (behalve als hij er zelf voor kiest om met een accent te spreken)? Het antwoord is duidelijk. Woland is, tenslotte, de duivel, zodat hij in staat is om elke taal te spreken en elke groep mensen in hun moedertaal aan te spreken. Johannes 8:44 zegt: «Uw vader is de duivel, en u doet maar al te graag wat uw vader wil... Wanneer hij liegt, spreekt hij zijn moedertaal, want hij is een aartsleugenaar, hij is de vader van de leugen.» Woland gebruikt Franse uitroepen communiceert op deze wijze met de toeschouwers op in het Variété Theater, want Frans is verleidelijk - het is de taal van de high society. Hij gebruikt dit pretentieuze gebruik van de taal om een beroep op de ijdelheid van de Moskovieten en hun verlangen om in het licht te worden gehouden.

Een schram in haar nek

Gretchen - de Margarita uit Goethe’s Faust - had, in de scène tijdens de Walpurgisnacht, hetzelfde kenmerk als Gella.

Guerlain, Chanel No. 5, Mitsouko, Narcisse Noir

Parijse kleren en parfums waren vanzelfsprekend totaal ontoegankelijk voor de gemiddelde Sovjetvrouw. Bovenstaande merken worden hier gewoon fonetisch in het cyrillisch schrift omgezet. In de Russische tekst schrijft Boelgakov Герлэн, шанель номер пять, мицуко, нарсис нуар wat, opnieuw, transliteraties zijn van de namen van bekende Franse merken Guerlain, Chanel No. 5, Mitsouko en Narcisse Noir.

Boelgakov koos de parfums heel bewust. Hij vermeldde niet alleen bekende geuren, maar selecteerde ze omwille van hun band met Rusland. De eerste genoemde, Guerlain, is een beroemd Frans parfum huis vernoemd naar Pierre-François Pascal Guerlain (1798-1864), de favoriete parfumeur van alle hoven in Europa in de tweede helft van de negentiende eeuw. De oprichter van het bedrijf kreeg de prestigieuze Franse titel Parfumeur breveté de sa Majesté, waardoor hij parfums kon maken voor voor, onder andere, Koningin Victoria (1819-1901) van Engeland, Koningin Isabella (1830-1904) van Spanje, en Groothertog Michael Aleksandrovitsj (1878-1918) van Rusland, de jongste zoon maken van Alexander III (1845-1894).

Mitsouko werd opgericht in 1919 door Jacques Guerlain (1874-1963), de kleinzoon van de oprichter van het parfumhuis Guerlain. Er wordt gezegd dat de naam was geïnspireerd door de heldin van de roman La Bataille van Claude Farrère (1876-1957) uit 1909. Het is het verhaal van een onmogelijke liefde tussen Mitsouko, de vrouw van de Japanse admiraal Togo, en een Britse officier. Het verhaal speelt zich af in 1905, tijdens de oorlog tussen Rusland en Japan. Beide mannen gingen naar de oorlog, en Mitsouko verborg haar gevoelens met waardigheid, wachtend op de uitkomst van de oorlog om te zien welke van de twee mannen terug naar haar zou komen om haar metgezel voor het leven te worden.

Jacques Guerlain
Jacques Guerlain

Het parfum Chanel No. 5 werd gecreëerd door Ernest Beaux (1881-1961), een Russisch-Frans parfummaker, geboren in Moskou. Volgens zijn collega's was de geur een remake van een eerdere creatie van de parfumeur, deБукет де Екатерины [Bouquet de Cathérine]. Het was gemaakt als een eerbetoon aan Catharina de Grote (1729-1796) en werd uitgebracht in 1913 om de driehonderdste verjaardag van de Romanov-dynastie te vieren. Het werd gemaakt door Rallet & Company, het grootste Russische parfumhuis en hofleverancier voor de hoven van het Russische Rijk.

Ernest Beaux
Ernest Beaux

Narcisse Noir, tenslotte, werd gemaakt door Ernest Daltroff (1867-1941), de oprichter van de beroemde Franse parfumhuis Caron, in 1911. Daltroff was een chemicus en parfumeur uit Rusland, die was geboren in een welgestelde bourgeois familie van Russische joden en later naar Frankrijk emigreerde. Boelgakov verwijzing naar deze bijzondere geur is passend gezien de naam, Black Narcissus. De kleur zwart heeft een aura van het occulte en het verbodene, allebei belangrijke elementen in deze scène. Narcissus was de jeugd uit de Griekse mythologie die verliefd werd op zijn eigen beeld dat weerspiegeld werd in een vijver. Hij kwijnde weg door een onbevredigd verlangen, waarna hij werd omgevormd tot een bloem. In deze scène veranderden de dames in het publiek, door de Parijse kledij, van bescheiden Sovjetburgers in pretentieuze, ijdele narcisten.

U kan meer lezen over het gebruik van vreemde woorden in het Russisch in de sectie Context van de Master & Margarita website

Arkadi

De zogenaamde Akkoestische Commissie der Moskouse Schouwburgen bestond niet echt. Boelgakov modelleerde deze instelling meer dan waarschijnlijk op het Управления театральных зрелищных предприятий (УTЗП) [Oepravlenija teatralnych zrelisjtsjych predpijati] (UTZP) of het Directoraat voor Theaterondernemingen van het Volkscommissariaat voor Verlichting, een onderdeel van het Народный комиссариат просвещения (Наркомпрос) [Narodni komissariat prosvesjtsjenija] (Narkompros) of het Volkscommissariaat voor Verlichting. Het Narkompros had een aantal verschillende afdelingen om de opvoeding en de kunst in de Sovjetunie te controleren.Het UTZP, opgericht in 1936, was bedoeld om één bevoegd agentschap te hebben voor alle theatergezelschappen, waarvan er ongeveer 900 bestonden.

Boelgakov situeert zijn Commissie aan de Чистые пруды [Tsjistije Proedi] of de Schone Vijvers. In de Sovjetperiode bevonden zich daar, in het gebouw aan de Tsjistoproedni Boulevard nr. 6, inderdaad drie organisaties die zich bezighielden met het bewaken en vooral censureren van diverse kunstvormen. Eén ervan was het UTZP. Een andere organisatie die in dit gebouw opereerde was het Главный репертуарный комитет (Главрепертком) [Glavni repertoearni komitet] (Glavrepertkom) of het Centraal comité voor repertoires, opgericht in 1923, dat theaterstukken moest goedkeuren vóór ze konden worden opgevoerd.

Tsjistoproedni Boulevard nr. 6
Tsjistoproedni Boulevard nr. 6

Arkadi Semplejarov woont volgens Boelgakov aan de Каменный мост [Kamenni Most] of Stenen Brug in het Дом на набережной [Dom na neberezjnoj] of het Huis aan de kade. Daar woonde in het echt ook een zekere Jakov Stanislavovits Ganetski (1879-1937). Hij was de directeur van deГосударственного объединения музыки, эстрады и цирка (ГОМЕЦ) [Gosoedarstvennogo obedinenija muzyki, estrady i tsirka] (GOMEC) of de Staatsunie voor Music-Hall, Concert- en Circusondernemingen (GOMEC), één van de organisaties die bevoegd was om schrijvers te censureren.

Het UTZP stond onder leiding van Michail Pavlovitsj Arkadjev (1896-1937) en dat was wellicht de inspiratiebron voor de voornaam Arkadi. U kan nog meer lezen over de UTZP in de sectie Context van de Master & Margarita website

Volgens de Boelgakovencyclopedie zou de familienaam Semplejarov ontleend zijn aan een goede vriend van Boelgakov, componist en dirigent Aleksandr Afanasevitsj Spendjarov (1871-1928). Spendjarov was echter niet zo zelfvoldaan en arrogant als Semplejarov in het Variété Theater. Integendeel, hij was eerder angstig en afwezig zoals de Semplejarov die we later in het boek tegenkomen, in hoofdstuk 27, [ziek te bed en helse smarten verdurend] wanneer hij gevorderd wordt om naar het kantoor van de geheime politie te komen.

Voor de zelfingenomen Semplejarov in het theater zou Boelgakov zich geïnspireerd hebben op Avel Sofronovitsj Enoekidze (1877-1937), een Georgiër die van 1922 tot 1935 voorzitter was van het bestuur van het Bolsjoi Theater en het Moskouse Kunsttheater MKHAT. Enukidze was ook lid van het Narkompros, het Volkscommissariaat voor Verlichting, dat met enkele van zijn onderafdelingen kantoor hield aan Tsjistije Proedi nummer 6, waar Boelgakov zijn Akoestische Commissie der Moskouse Schouwburgen situeert. Enoekidze was niet ongevoelig voor vrouwelijk schoon, vooral de actrices van de theaters die aan zijn Commissie onderworpen waren konden op zijn belangstelling rekenen. In juni 1935 werd hij uit de partijorganen verwijderd, en in december 1937 werd hij veroordeeld en geëxecuteerd voor terroristische daden tegen het vaderland en spionage. Samen met hem werd ook baron Boris Sergejevitsj Sjteiger (1892-1937), die model stond voor baron Meigel in de roman, veroordeeld en geëxecuteerd.

Zowel de tussenkomst van Semplejarov in het Variété Theater als de situatie met het nichtje uit Saratov doen tenslotte denken aan Vsevolod Emilevitsj Meyerhold (1874-1940), een entoesiast activist van het Sovjettheater, maar een tegenstander van het Sociaal Realisme, die bij de Theaterafdeling van het Narkompros had gewerkt tot hij in 1922 in Moskou zijn eigen Meyerhold Theater startte. In maart 1936 zou hij tijdens een discussie gezegd hebben dat «de massa van de toeschouwers om een uitleg vraagt».

De link met het nichtje wordt gelegd omdat Meyherhold nauwe banden onderhield met de streek van Saratov, en omdat zijn tweede vrouw, Zynajda Nikolajevna Rajch (1894-1939) twintig jaar jonger was dan hij. Toen zij in 1939 dood werd aangetroffen in hun appartement, werd Meyerhold zwaar gefolterd om te bekennen dat hij haar vermoord had. Hij werd veroordeeld tot de kogel, en vermoedelijk op 1 februari 1940 geëxecuteerd.

De brede massa’s der toeschouwers eisen uitleg

«De brede massa’s der toeschouwers» is typisch Sovjet jargon. Semplejarov lanceert zijn eigen vraag en stelt het voor alsof het de grote massa is die het vraagt. Het volk moest blijkbaar alles onder controle hebben.

De rol van Louise

Arkadi's jeugdige bloedverwante refereert naar het personage Louisa Miller uit het toneelstuk Kabale und Liebe (Intrige en Liefde) van de Duitse dramaturg en schrijver Friedrich Schiller (1759-1805). Dat stuk, voor het eerst opgevoerd in 1784 in Frankfurt, was een vaste waarde in het repertoire van de Sovjettheaters.

De gewaagde woorden van de marsmuziek

Deze woorden zijn een door Boelgakov aangepaste versie van een een deuntje uit een vaudeville van 1839, geschreven door Dmitri Timofejevitsj Lenski (1805-1860). De titel van deze vaudeville was Лев Гурыч Синич-кин, или Провинциальная дебютантка of Lev Gurytsj Sinitsjkin, een provinciaalse debutante. Het gaat over een oudere acteur die ervan droomt om zijn jonge getalenteerde dochter een hoofdrol te bezorgen in het the-ater. Maar de machtige primadonna van het gezelschap, een slecht karakter met veel relaties, staat haar in de weg. Na veel heroïsche inspanningen en vrolijke misverstanden komt de droom van de oudere man toch uit, en de steractrice veroorzaakt schandaal met haar hoge beschermheer. Het stuk werd van 1924 tot 1931 opgevoerd in Moskou in het Vachtangov theater op de Arbat, dichtbij Zoja's appartement uit het gelijknamige toneelstuk van Boelgakov.

Dmitri Timofejevitsj Lenski
Dmitri Timofejevitsj Lenski

Van deze vaudeville werd in 1974 een TV-film gemaakt - Лев Гурыч Синичкин [Lev Goerytsj Sinitsjkin]. Regisseur was Aleksandr Belinski (1928) en de hoofdrollen werden gespeeld door Nikolai Trofimov en Galina Fedotova.

Aleksandr Belinski
Aleksandr Belinski

Het liedje Zijne excellentie dat Boelgakov in De meester en Margarita beschrijft klinkt niet exact hetzelfde als in de vaudeville.

De oorspronkelijke tekst luidt als volgt:

Zijn excellentie
noemt haar de zijne
en biedt haar zelfs
zijn bescherming aan.

De zogenaamde gewaagde woorden van de marsmuziek klinken als volgt:

Zijn Zeerhoogwelgeborenheid
die was op kip zo tuk.
Hij protegeerde steeds wel één
of ander lekker stuk!!!

Hieronder kan u luisteren naar de song uit de TV-film van Alexander Belinski.

Vorige      Volgende