De begrafenis

Banga

Banga is de trouwe hond van Pilatus. Bij hem kon hij vrijuit zijn hart uitstorten over de migraine die hem martelde. Banga beminde zijn baas als de machtigste op aarde, de gebieder over alle andere mensen, dank zij wie de hond zich ook zelf als een bevoorrecht, hoger en bijzonder wezen beschouwde. Hij wou zijn meester troosten en de narigheid samen met hem trotseren. Hij zou dan ook 2.000 jaar bij hem blijven, en later ook met hem de maanweg opsnellen.

De koosnaam voor Boelgakovs tweede vrouw Ljoebov Jevgenjevna Belozerskaja (1895-1987) was Ljoebanga. Zij was degene die dieren in zijn leven bracht. In 1928 maakte Boelgakov een tekening, opgedragen aan Ljoebanga. Het is een schets van hun домовой [domovoj] of huisgeest die ze de troetelnaam Rogasj hadden gegeven, en die wegloopt met een ring van 5 karaat.

In 2012 bracht de Amerikaanse rock legende Patti Smith de CD Banga uit, met een song geïnspireerd door de hond van Pilatus. Hier kan u een akoestische versie van het nummer beluisteren met gitarist Lenny Kaye.

In de sectie Adaptaties van de Master & Margarita website kan een interview met Patti Smith bekijken waarin ze uitlegt waarom mensen De meester en Margarita moeten lezen.

Niza

Net als Margarita sluipt Niza weg bij haar echtgenoot om haar geliefde te ontmoeten. Maar zij zal hem echter niet steunen.

Niza wordt met veel geheimzinnigheid geportretteerd. Is zij misschien een dubbelspion? Wellicht wel. Ze is zeker de minnares van Jehoeda, en misschien ook wel van Afranius. In elk geval was het niet alleen voor het geld dat Jehoeda bereid was om Jesjoea in de val te lokken.

Iemand die je niet meteen herkent wordt rijk

«кого не узнают, станет богатым» of «Iemand die je niet herkent wordt rijk» - is geen Griekse, Hebreeuwse of Aramese uitdrukking, maar wel een Russisch gezegde.

De Olijfhof in Gethsemane

Gethsemane betekent olijfpers in het Aramees. Boelgakov heeft dit waarschijnlijk overgenomen uit The Life of Christ van Frederic Farrar (1831-1903), die schreef: «The name Gethsemane means 'the oil-press', and doubtless it was so called from a press to crush the olives yielded by the countless trees from which the hill derives its designation».

De tuin van Gethsemane ligt in het Oosten van Jeruzalem, tegenover het Kedrondal, aan de voet van de Olijfberg.

De Olijfberg met de Olijfhof
De Olijfberg met de Olijfhof

Dertig tetradrachmen

Bij Boelgakov krijgt Jehoeda méér betaald dan de dertig zilverlingen die Judas volgens de Bijbel kreeg om Jezus te verraden. Hij spreekt van dertig tetradrachmen. Een tetradrachme was de munt van de stadstaat Athene, het was een zilveren munt die vier drachmen waard was. Vanwege zijn grote waardevastheid noemt men de tetradrachme ook wel «de dollar van de oudheid». Als betaalmiddel voor dagelijkse boodschapjes was de tetradrachme niet geschikt. Mensen betaalden die met oboloi. Er gingen 24 oboloi in één tetradrachme.

In de bijbel zelf gooit Judas het geld zelf binnen bij de hogepriester. In De meester en Margarita wordt dat gedaan door zijn moordenaars, maar het bloed op de buidel is van Jehoeda uit Karioth.

Voortaan zullen we atijd bij elkaar blijven

Sommige bronnen vermelden dat Boelgakov deze idee van Jezus en Pilatus «die voor altijd bij elkaar zullen blijven» uit het zogenaamde Evangelie van Nicodemus zou gehaald hebben. Dit apocriefe Evangelie wordt ook wel de Handelingen van Pilatus genoemd omdat het zich concentreert op de lijdensweg van Jezus, en het is zeker een inspiratiebron geweest voor Boelgakov, maar de hier vermelde zin heb ik er niet in teruggevonden.

Het dichtst bij komt de volgende zin, uit Nicodemus VIII (XXIV) 1 - «En voortaan waren alle heiligen samen bijeen onder de hand van de Heer».

De volledige tekst van het Evangelie van Nicodemus is beschikbaar voor download in de sectie Archieven van de Master & Margarita website.

De moord op Jehoeda

De moordscène in Gethsemane lijkt sterk op het Russisch kortverhaal Gethsemane van Aleksandr Mitrofanovitsj Fjedorov (1868-1949), gepubliceerd in het magazine Novoje slovo in 1910. Boelgakov zou de scène in het maanlicht uit dit verhaal gehaald hebben. Fjedorov belicht, net als Boelgakov, de ironie van de verrader die zelf verraden wordt.

De wachtposten zaten op stenen banken te dobbelen

In de Bijbel dobbelen de soldaten om Jezus' kleren na de kruisiging Mattheüs 27:35 - «Toen zij nu Hem gekruisigd hadden, verdeelden zij Zijn klederen, het lot werpende; opdat vervuld zou worden, hetgeen gezegd is door den profeet: Zij hebben Mijn klederen onder zich verdeeld, en hebben het lot over Mijn kleding geworpen». Markus 15:24 - «En als zij Hem gekruisigd hadden, verdeelden zij Zijn klederen, werpende het lot over dezelve, wat een iegelijk wegnemen zou».

De wachtposten zaten te dobbelen
De wachtposten zaten te dobbelen

De zoon van een koning-sterrenwichelaar en een molenaarsdochter, de schone Pila

Boelgakov noemt Pilatus de zoon van een koning-sterrenwichelaar en een molenaarsdochter, de schone Pila. Historische bronnen om dit te staven zijn er niet, maar de Franse Boelgakov experte Marianne Gourg schreef in haar commentaar bij Claude Ligny's vertaling van Le Maître et Marguerite (uitgegeven bij R. Laffont, Paris, 1995) dat Boelgakov dit detail zou kunnen gevonden hebben in het gedicht Pilatus van de in het Latijn schrijvende Vlaamse 12de-eeuwse dichter Petrus Pictor (Peter de Schilder), afkomstig uit Sint-Omaars (Saint-Omer) in Frans-Vlaanderen. Dat gedicht bestond in een Russische vertaling. Het zou kunnen gebaseerd zijn op een legende die in Mainz werd verteld over de afstamming van Pilatus. Die gaat over de astroloog Ata en de molenaarsdochter Pila, en werd vermeld in Pontius Pilatus, der fünfte Prokurator von Judäa und Richter Jesu von Nasareth van Gustav Adolf Müller (1866-1928), dat gepubliceerd werd in Stuttgart in 1888.

Pilatus' naam zou dus afgeleid zijn van Pila, de naam van zijn moeder. Pila zou afgeleid zijn van filatus, dat speer betekent.

Valerius Gratus

Valerius Gratus was Pilatus' voorganger, hij was Romeins procurator van 15 tot 25. Hij was de eerste prefect over Judea die benoemd werd door keizer Tiberius (42 BC-37). Hij had Josef Kajafas benoemd tot hogepriester. Kajafas bleef hogepriester gedurende de rest van Gratus' bewindsperiode en die van zijn opvolger Pontius Pilatus.

Heeft hij er niet zelf een eind aan gemaakt?

Deze idee vat de ironie van het hele gesprek samen, want beide mannen weten zeer goed dat dat niet kan. Maar in hun slinkse manier van praten doen ze alsof het een mysterie is. De hoofdbedoeling van het gesprek is om tot een «scenario» te komen dat de sporen naar hun samenzwering moet uitwissen. Dat was in feite de manier waarop ook in de Sovjetunie verhaaltjes werden gebrouwen rond «verdwijningen».

Volgens de Bijbel pleegde Judas zelfmoord nadat hij zelf de dertig zilveringen had teruggegeven aan de hogepriesters. Mattheüs 27:5 - «En als hij de zilveren penningen in den tempel geworpen had, vertrok hij, en heengaande verworgde zichzelven».

Eén lichaam hadden ze niet aangetroffen

Het gerucht over de diefstal van Jezus’ lichaam wordt vermeld in Mattheüs 28:13-15 - «En zeiden: Zegt: Zijn discipelen zijn des nachts gekomen, en hebben Hem gestolen, als wij sliepen. En indien zulks komt gehoord te worden van den stadhouder, wij zullen hem tevreden stellen, en maken, dat gij zonder zorg zijt. En zij, het geld genomen hebbende, deden, gelijk zij geleerd waren. En dit woord is verbreid geworden bij de Joden tot op den huidigen dag».

Tolmaios

Tolmaios is een naam die voorkomt in Hérodias van Gustave Flaubert (1821-1880). Dat werk dateert van 1877 en er komt een man met die naam in voor uit de kringen van de tetrarch Herodes Antipas (20 BC-39). In de versie van De meester en Margarita van1929 heette Afranius nog Tolmai. Die naam komt ook voor in The Life of Christ van Frederic Farrar (1831-1903).

Gisteren aten we zoete lentevijgen

Boelgakov schrijft over баккуроты [bakkoeroty], en dat is de transliteratie van het Aramese woord voor zoete vijgen. Zoete vijgen stonden typisch op het menu van het avondmaal op Passover.

Boelgakov heeft in zijn nota’s daarover aantekeningen gemaakt die hij gehaald had uit The Life of Christ van Frederic Farrar (1831-1903). Hij had ook notities opgetekend uit het dagboek van bisschop Porfirii Oespenski (1804-1885). Dat was een bekend Russisch bijbels archeoloog die onder meer de Codex Sinaiticus van de bijbel heeft ontdekt, een handgeschreven versie van de Griekse bijbel die hij aan de tsaar schonk. In zijn dagboek had Boelgakov genoteerd dat zoete vijgen volrijp waren in de tweede helft van april, in de periode dus waarin de Pilatusscènes zich afspelen.

De reine rivier van levenswater

De uitdrukking «de reine rivier van levenswater» lijkt wel erg op Openbaring 22:1 - «En hij toonde mij een zuivere rivier van het water des levens, klaar als kristal, voortkomende uit den troon Gods, en des Lams».

Pontius Pilatus, de vijfde procurator van Judea

In hoofdstuk 13 zegt de meester reeds tegen Ivan dat zijn roman zou eindigen met de woorden «Pontius Pilatus, de vijfde procurator van Judea», en zo gebeurt het ook.

Vorige      Volgende