Nikanor Ivanovitsj Bosoj

Nederlands > De personages > Personages in Moskou > Nikanor Ivanovitsj Bosoj

Rol

Nikanor Ivanovitsj Bosoj is voorzitter van het bewonerscollectief van woonblok 302 bis aan Bolsjaja Sadovaja. Amper twee uur nadat de dood van de onfortuinlijke Berlioz bekend was, werd hij reeds overstelpt met tweeëndertig verzoekschriften van mensen die meenden aanspraak te kunnen maken op de flat van de overledene. Zij bevatten «smeekbeden, bedreigingen, laster, denunciaties, beloften tot het verrichten van reparaties voor eigen rekening» en nog veel méér, tot zelfs «twee aangekondigde zelfmoorden» en ook nog «de bekentenis van een heimelijk gedragen zwangerschap». Toen hij, om aan de aandringende verzoekers te onstnappen, zich terugtrok in het lege appartement nummer 50, ontmoette hij daar Korovjev. Die vertelt hem dat hij tolk is van de buitenlandse persoonlijkheid die nu zijn residentie in dit appartement heeft en dat Stjopa in Yalta zit. Tot zijn stomme verbazing vindt Bosoj in zijn eigen aktentas de bevestiging van Wolands toelating om het appartement te betrekken. Wanneer hij bij Intoerist informeert blijkt men daar van deze toelating ook al op de hoogte te zijn.

Maar Korovjev had op slinkse wijze laten verstaan dat er ook persoonlijk profijt kon gehaald worden uit Woland's korte verblijf. En dus durft hij vijfhonderd roebel per dag vragen. Dan sist Korovjev: «Dat komt dus op drieënhalfduizend voor één week?». Nikanor Ivanovitsj had al spijt van zijn voorstel tot Korovjev tot zijn verbazing zei: «Dat is toch geen bedrag! Vraag er vijf, hij schokt wel.» En op de koop toe krijgt hij vrijkaartjes voor de voorstelling in het Variété Theater én krijgt hij «een dik, knisterend pakje in zijn hand gestopt.» Terug in zijn appartement ziet Bosoj dat er vierhonderd roebel in zit, die hij verstopt in zijn toilet.

Wanneer Bosoj het appartement verlaat draait Korovjev een telefoonnumer en zegt: «Ik voel me verplicht u te melden dat onze voorzitter van het bewonerscollectief van nummer 302 bis Sadovajastraat, Nikanor Ivanovitsj Bosoj, zich met valutaspeculatie ophoudt. Momenteel heeft hij in zijn appartement, nummer 35, vierhonderd dollar verstopt. Ze zitten in krantenpapier verwikkeld in de luchtkoker van zijn toilet...»

Wanneer Bosoj daarna thuis aan tafel zit vallen twee mannen bij hem binnen die resoluut naar het toilet gaan. Zij vinden daar geen vierhonderd roebel, maar vierhonderd dollar. Bosoi wordt onder geleide weggevoerd. Even later vertrouwt de Meester in het ziekenhuis aan Ivan toe dat er een nieuwe patiënt was afgeleverd, op kamer 119, een dikkerd met een purperrode kop, die de hele tijd zat te mompelen over vreemde valuta in een luchtkoker en die bezwoer dat er bij hen op de Sadovaja onreine krachten waren ingetrokken.

Achtergrond

Boelgakov schreef dat Bosoj «een tikje plat uit de hoek kon komen». En dat «Nikanor Ivanovitsj volslagen onkundig was van de werken van de dichter Poetsjkin». Hij verwarde zelfs de grote dichter met de acteur die zijn gedichten voordroeg - «Ook een lekkere jongen, hoor, die Koerolesov!». Die beschrijving is een duidelijke sneer naar het niveau dat de voorzitters van bewonerscollectieven van woonblokken in die tijd vaak hadden. Meestal waren dat onopgeleide, omhooggevallen gezagsgetrouwen die, ondanks hun gebrek aan competenties, in hun quasi-officiële functie wel een grote macht hadden. En die die dan ook ongegeneerd uitoefenden. Er was een permanent tekort aan woonruimte en de voorzitter zat dus in een ideale positie om smeergeld te krijgen in ruil voor bevoordeliging.

Босой [bosoj] betekent overigens barrevoets in het Russisch, wat duidt op zijn plattelandsafkomst. Boelgakov had geen hoge pet op van deze «omhooggevallen provincialen».

In één van de vroegere versies van de roman heette Bosoj nog Nikodim Grigorevitsj Porot, waarbij de voornaam een bewuste verwijzing was naar Nicodemus, de auteur van het apokriefe evangelie dat bekend is als De Handelingen van Pilatus.

Bosoj wordt gearresteerd omdat het geld dat hij achterovergedrukt had vreemd geld bleek te zijn. Valutaspeculatie was een ernstig misdrijf in de Sovjetunie. Alleen toeristen en gepriviligieerde Sovjetburgers mochten in beperkte mate vreemde valuta gebruiken in een берёзка (berjozka) of valutawinkel.



Deze pagina delen |