21. Al vliegend
Nederlands > De roman > Aantekeningen per hoofdstuk > Hoofdstuk 21
De titel
Margarita's vlucht door de straten leverde in 2004 de inspiratie voor de song Love and Destroy van de rockgroep Franz Ferdinand. Het is is de b-kant van de single Michael.
Klik hier om meer over het nummer te lezen en om het te beluisteren
Klik hier om een uitvoering van het nummer te bekijken
De straat met het petroleumwinkeltje
Oudere buurtbewoners herinneren zich inderdaad dat er vroeger een petroleumwinkltje heeft bestaan in het nummer 20 van de Sivtsev Vrazjek pereulok, een straat die parallel loopt met de Arbat.
De verblindende lichtbuizen van een theater
Het Vachtangov Theater op het nummer 26 van de Arbat, werd zo genoemd naar Jevgeni Bagrationovitsj Vachtangov (1883-1922), een leerling van Stanislavski, in 1926. Het originele 19de eeuwse gebouw werd in de jaren ’40 vernield door een bom. Het werd op dezelfde plaats heropgebouwd.
Twee primussen
Opnieuw vermeldt Boelgakov primusvuurtjes. Hij had dat eerder al gedaan in hoofdstuk 4, en zal ze later nog een belangrijke rol toebedelen wanneer Korovjev en Behemoth Moskou op stelten zetten in hoofdstuk 28.
Een reusachtig bouwwerk van zeven verdiepingen
Door Boelgakov’s vluchtbeschrijving te volgen, kunnen we Dramlit, het Huis voor Dramaturgen en Literatoren in de Bolsjoi Nikolopeskovski pereulok nabij Arbat situeren.
Klik hier om meer te lezen over het Dramlithuis
Het volkomen onschuldige kamervleugeltje van het merk Baecker
Jacob Davidovitsj Becker, een in Duitsland geboren ambachtsman, richtte zijn pianofabriek op in Sint-Petersburg in 1841. Zijn piano’s genoten een grote faam, en hij was de eerste om Amerikaanse en Europese technologieën toe te passen in de bouw van piano’s in Rusland. In 1903 fusioneerde het bedrijf met de pianofabriek van Ivan Karlovitsj Schreder (-1889), en in 1917 werd het genationaliseerd en omgedoopt tot de Rode Oktober Fabriek.
In 1991, na het uiteenvallen van de Sovjetunie, werd het bedrijf omgedoopt tot de Sint Petersburg Piano Fabriek, maar ze ging failliet met een schuld van 13 miljard roebel. Sinds 1997 probeert Lee Magness, de Texaanse kleinzoon van Ivan Karlovitsj Schreder, met alle middelen om de fabriek, waarvan hij de waarde op 650 miljoen dollar schat, in handen te krijgen.
Ik zit in je droom
Boelgakov speelt hier op een haast onvertaalbare wijze met de Russische grammatica. "Van iemand dromen" wordt in het Russisch uitgedrukt door het werkwoord снитться (snitsia), maar in een zeer taaleigen constructie, met de persoon waarover gedroomd wordt als onderwerp en de dromende persoon in de datief. “Ik heb van haar gedroomd” klinkt in het Russisch als “zij werd door mij gedroomd”.
Het werkwoord komt daardoor bijna altijd voor in de derde persoon enkelvoud, omdat het vrij zeldzaam is dat iemand over zichzelf zegt dat hij gedroomd is geweest door een ander. Nochtans is het net dat wat Margarita doet: “я тебе снюсь”, "Ik werd door jou gedroomd", zegt ze letterlijk.
Daarna zegt ze: “Ga liggen (…) dan zul je verder van me dromen”. In de Nederlandse vertaling antwoordt het jongetje daarop: “Nou, best hoor”, maar in het Russisch gebruikt hij een nog vreemdere vorm van het werkwoord снитться. Hij zegt: “Ну, снись, снись”, dat is de imperatieve vorm. Alsof je zou zeggen, in de gebiedende wijze: “wordt door mij gedroomd”.
Mijn Franse koningin!
Met deze uitroep geeft Natasja aan wat in het volgende hoofdstuk door Korovjev zal bevestigd worden - namelijk dat Margarita “een achter-achter-achter-achter-kleindochter” is van “een van de Franse koninginnen uit de zestiende eeuw”.
Een blote dikzak met een hoge hoed scheef op het achterhoofd
In de Russische tekst staat er nog bij dat de hoge hoed van zwarte zijde was. Wie deze man is, daar ben ik (nog) niet achter gekomen. Maar hij heeft in elk geval Claudine, “de weduwe die nooit bij de pakken neerzit” gekend (zie hieronder), en ook de “lichtende koninginne Margot” – dat was de populaire naam die aan Marguerite de Valois (1553-1615) gegeven werd (zie hieronder). En hij is blijkbaar bevriend geweest met de Parijse uitgever Hessart, die drie eeuwen na de voormelde dames heeft geleefd.
Claudine
Claudine de La Tour-Turenne (1520-1591) was hofdame van Marguerite de Valois (1553-1615), echtgenote van de Franse koning Henri IV (1553-1610). Op 31 oktober 1535 trouwde zij, 15 jaar oud, met Justus II (1510-1557), heer van Tournon en graaf van Rousillon. Toen ze 37 was werd ze weduwe.
Lichtende koninginne Margot
Koningin Margot is Marguerite de Valois (1553-1615), koningin van Frankrijk en Navarra, Ze was de dochter van Henri II (1519-1559) en Catherina de Medici (1519-1589). Drie van haar broers zijn koning van Frankrijk geweest : François II (1544-1560), Charles IX (1550-1574) en Henri III (1551-1589).
Haar moeder probeerde haar eerst aan enkele andere mannen te koppelen, maar kwam uiteindelijk bij haar neef, Henri van Navarra uit, de latere koning Henri IV. Het huwelijk vond plaats op 18 augustus 1572. Henri was een protestant, en volgens verschillende bronnen zou Catherina de Medici geprofiteerd hebben van de samenkomst van de (protestantse) hugenoten in Parijs om het bloedbad van de Bartholomeüsnacht te organiseren in de nacht van 24 op 25 augustius 1572.
Het huwelijk tussen Marguerite en Henri was er een van veel wederzijds bedrog, en lange periodes van scheiding. In 1599 werd het ontbonden. Marguerite behield wel haar titel van koningin.
Haar memoires, die meer dan honderd jaar na haar dood werden gepubliceerd, beschreven talloze anecdotes over de koningen Charles IX, Henri III en Henri IV. Ondertussen veroorzaakte ze zelf ook meer dan één schandaal. Ze stierf op 27 mei 1615.
De bloedbruiloft van zijn vriend Hessart
De dronken man is inderdaad behoorlijk in de war: Zijn gevoel voor tijd laat het afweten. Hessart was de Parijse uitgever van Marguerite de Valois' correspondentie, maar hij leefde in de 19de eeuw – hij publiceerde Les Mémoires et lettres de Marguerite de Valois in 1842. De bloedbruiloft was de beruchte Bartholomeüsnacht in 1572.
De oever van de Jenisej
De Jenisej rivier is een 4,129 km lange waterloop die vaak beschouwd wordt als de scheiding tussen oostelijk en westelijk Siberië.
Doorschijnende waternimfen
De waternimfen die hier optreden zijn meer specifiek Russische Русалки (roesalki, enkelvoud roesalka). Rusalki werden in verband gebracht met de wereld van de dood. Het waren jonge vrouwen die gestorven waren vóór ze hadden kunnen trouwen. In het midden van de nacht gingen ze naar de oever om in de weiden te dansen. Wanneer ze knappe mannen zagen begeesterden ze hen met hun gezang en gedans om hen dan te hypnotiseren en mee te nemen naar de bodem van de rivier om er mee samen te leven.
Een bokkepotige figuur
Woudgeesten en duivels werden vaak, afgebeeld met het onderlijf van een dier. Andrei Bely (zie hoofdstuk 18) beschrijft in zijn Noordelijke Symfonie een man met bokkepoten op de heksensabbat.
Een langsnavelige zwarte roek
Een roek is een grote zwarte vogel (Trypanocorax frugilegus) die een beetje op een kraai lijkt.
hoofdstukken
- Inleiding
- 1 Spreek nooit met onbekenden
- 2 Pontius Pilatus
- 3 Het zevende bewijs
- 4 Achtervolging
- 5 Het gebeurde in Gribojedov
- 6 Als gezegd: schizofrenie
- 7 En dat huis dat is niet pluis
- 8 Tweegevecht tussen professor en poëet
- 9 Korovjev met zijn streken
- 10 Berichten uit Jalta
- 11 Ivans splijting
- 12 Zwarte magie en haar ontmaskering
- 13 De held van het verhaal doet zijn intrede
- 14 Hulde aan de haan
- 15 De droom van Nikanor Ivanovitsj
- 16 De terechtstelling
- 17 Een onrustig dagje
- 18 Onfortuinlijke bezoekers
- 19 Margarita
- 20 Azazello's balsem
- 21 Al vliegend
- 22 Bij kaarslicht
- 23 Grand gala ten huize van Satan
- 24 De meester ontboden
- 25 Hoe de procurator trachtte ...
- 26 De begrafenis
- 27 Het einde van appartement No. 50
- 28 De laatste avonturen van Korovjev en ...
- 29 Het lot van de meester en Margarita ...
- 30 Hoogste tijd
- 31 Op de Mussenheuvels
- 32 Vergiffenis en eeuwige geborgenheid
- Epiloog





